Strategieën voor betere sociale vaardigheden

Kinderen met FAS hebben vaak zwakke sociale vaardigheden en lijken gewenst gedrag nauwelijks te kopiëren door naar anderen te kijken. Sociaal gedrag moet op een heldere en duidelijke manier worden uitgelegd en aangeleerd.

Speel een rollenspel met als onderwerp gewone situaties.

Speel bijvoorbeeld dat het kind een ander kind ontmoet: Kijk hem aan en zeg: Hallo, ik heet Gijs, hoe heet jij?

Oefen op elkaar lijkende situaties.

Kinderen met FAS vinden het over het algemeen moeilijk om het geleerde van de ene situatie toe te passen op een andere situatie. Oefen daarom het in de rij staan in de winkel, in het postkantoor, in de bioscoop. Oefen het ontmoeten van andere kinderen op school, in de speeltuin, in de kerk, etc.

Ogenblikkelijk herhalen.

Speel, als het mogelijk is, een slecht verlopen situatie, direct na.Thuis is het vaak mogelijk om te zeggen: Stop, we slaan niet als een ander kind een speeltje heeft dat jij ook net wilt hebben. Zullen we oefenen: Mag ik die auto hebben? Laat het kind de rol spelen van het kind dat geslagen is en praat er over hoe je je voelt als je een klap krijgt. Voor kinderen met een slecht geheugen is het soms nodig om dagelijks te oefenen, enkele weken achter elkaar om de les te laten bezinken.

Leer met liedjes en rijmpjes.

Kinderen die vooral verbaal ( door woorden) leren kunnen door rijmpjes en liedjes regels beter onthouden.

Sociale verhalen.

Kinderen die vooral leren door te visualiseren (zien), kunnen situaties beter begrijpen door er over te lezen. Schrijf en illustreer een klein boekje dat je kind kan begrijpen in de "Ik kan" taal. Begin altijd met te zeggen wie het kind is. Bv. Ik ben Jasper. Ik ben 5 jaar. Soms ga ik met mijn moeder naar de winkel. Ik kan met mamma in de rij staan voor de kassa. Ik kan rustig……… Het boek kan heel eenvoudig gemaakt worden van gevouwen papier met 2 nietjes, je kind zal het prachtig vinden, want het gaat over hem.

Prijs je kind als een situatie goed verliep.

Je kind heeft het erg moeilijk om te begrijpen wat er van hem verwacht wordt. Hij kan wat angstig vragen: Mamma, deed ik het goed in de winkel, vandaag? Vertel hem dat je trots op hem bent, maar wees eerlijk, als hij niet rustig in de rij heeft gestaan, zeg dan niets over z'n gedrag. Je zou kunnen zeggen: Je was niet zo erg rustig vandaag, maar ik ben blij dat je er aan denkt en ik weet zeker dat je de volgende keer rustig in de rij zult staan.

Oefen het tonen van emoties.

Als je kind het moeilijk vind de emoties op een gezicht te lezen oefen dan voor een spiegel in het maken van een boos gezicht een vrolijk gezicht, een verdrietig gezicht. Bedenk spelletjes, zoals tot tien tellen met een boos, een blij, een verdrietig gezicht. Bekijk foto's en praat over hoe ze zich zullen voelen en waarom. "O, kijk, dat meisje kijkt vrolijk, ze pakt net haar verjaardagskadootje uit." Zoek de boeken Wat is beer van plan? of Hoe gaat het met Panda? door Keith Faulkner of andere boeken om te leren emoties te herkennen bij de bibliotheek.

Zeg "kijk me aan."

Je kind zal je wellicht niet opzettelijk ergeren, hij zou wel eens kunnen denken dat je zijn gedrag grappig vindt terwijl je hem woedend aankijkt en je stem verheft. Zeg hem duidelijk: Kijk me aan, zie je dat ik boos wordt?

Zoek een goede sociale vaardigheden training.

Op veel scholen worden sociale vaardigheden in de klas geoefend. Een FAS kind heeft echter meer nodig. Via school kunt het adres krijgen van een sociale vaardigheden training.